Zappa and Jazz is een boek van Geoff Wills. Natuurlijk opent hij met de bekende oneliner: ‘jazz is niet dood, maar ruikt vreemd’; Zappa’s uitspraak die te horen is op Roxy & Elsewhere.
Wills geeft in zijn boek aan dat Zappa niet vies was van jazz en probeert daarom zoveel mogelijk linken en banden aan te geven. Daarvoor gebruikt hij enkele handige stapjes, zoals Zappa’s jeugdjaren, gevolgd door de eerste lichting Mothers met Ian en Bunk en Buzz. Natuurlijk komt Hot Rats langs, net als de diverse Wazoo’s en Waka/Jawaka. Via de ritmesectie van de bands in de jaren zeventig en tachtig komt Wills uit bij de 88-band met inderdaad veel blazers.
In alle hoofdstukken koppelt Wills een scala aan jazzmusici aan diverse werken van Zappa. Als je goed thuis bent in de jazz is dat niet heel moeilijk, want er is altijd wel iets dat op iets lijkt immers.
Alle groten der jazz komen langs: Charlie Parker, Charles Mingus, Albert Ayler, Cecil Taylor, Duke Ellington, Archie Shepp, Roland Kirk, ga maar door.
Maar ook het Mahavishnu Orchestra en bassisten Stanley Clarke en Jaco Pastorius worden genoemd. Aan het eind vraagt Wills zich af of Zappa bekend is met het werk van Serge Chaloff’s ‘The Fable of Mabel’. Boeiende keus, want Chaloff was een bijzondere baritonsax-speler en componist, maar om die vraag nu centraal te stellen?
Als je weinig van jazz weet is dit een aardig boek, mits je ook gaat luisteren naar al die jazz-cats. Als je al goed op de hoogte bent met jazz lees je weinig nieuws, want dan weet je dat allemaal al.
Paul Lemmens - 2018 © pics G. Wills